Middelburg Dronk

Stadspoorten

Stadspoorten

Middelburg kreeg in 1217 stadsrechten, wat betekende dat de middeleeuwse nederzetting die de stad toen was het recht had om het stadsgebied door omwalling te beveiligen. Eerst legde men een aarden wal, een gracht en een palissade aan, maar later werden er ook stenen muren, torens en stadspoorten gebouwd – dat was nog veiliger. De stadspoorten hadden vaak het karakter van echte verdedigingswerken. Ze hadden grote, zware poortdeuren, waar meestal een kleinere toegangsdeur in zat, sluitbomen, valhekken (hameiden), schietgaten, torentjes en ophaalbruggen. In de middeleeuwen telde Middelburg acht stadspoorten: de Noorddampoort (later de Veersepoort), de Zuiddampoort, de Koepoort, de Noordpoort, de Seispoort, de Langevielepoort, de Vlissingsepoort (eerder de Gortstratepoort genaamd) en Segeerspoort of St. Geertruidspoort. Genoemde poorten zijn goed te zien op de plattegrond die Jacob van Deventer omstreeks 1550 van de stad maakte. De strategisch gelegen poorten hadden naast een verdedigende- ook een controlerende functie - men kon goed bijhouden wie er de stad in kwam en verliet. De poorten hadden ook openings- en sluitingstijden die werden aangegeven door het luiden van de aanwezige poortklokken of anders de stadsklok; in Middelburg was dat de klok van het stadhuis. De stadspoorten genereerden direct en indirect ook inkomsten. Direct door het innen van de tol die er betaald moest worden – de stad verpachtte soms de tolheffing. Indirect door diverse neringen die de poorten aantrokken; zo was er in de buurt van iedere poort wel één of meer herbergen te vinden. De stadspoorten veranderden door de eeuwen heen van locatie en soms ook van naam, maar daarover meer bij de onderstaande, afzonderlijke poorten.


Noorddampoort

De Noorddampoort werd in de 13de eeuw gebouwd en stond eerst ter hoogte van de Spuistraat en later, in de 14de eeuw ter hoogte van de hoek Schuitvlotstraat/Rotterdamsekaai - op de ruïnes van de poort werd later het pand De Vier Heemskinderen gebouwd ([1]). Vlak in de buurt van de Noorddampoort, aan de Rotterdamsekaai, lag de herberg Het Ooster Hoofd, wat later wellicht veranderde in Het Ossenhoofd (link Google Books). Van 1588 tot 1589 werd de omwalling aangelegd en de Noorddampoort afgebroken. J.C. van Schagen schrijft in een PZC-artikel van 1 mei 1954 het volgende over de (Noord)dampoort: "In Middelburg zeiden ze altijd de Dampoort. Maar dat schijnt nogal dom te zijn geweest; het is inderdaad eigenlijk geen Dampoort en ze staat ook nog wel een eindje van Dam verwijderd. De echte Dampoorten hebben gestaan, de Noord- en de Zuiddampoort, ter weerszijden van de Dam; in de oude tijd zo ongeveer ter hoogte van de Spuistraat, later ter hoogte van de Schuitvlotstraat." In 1585 werd begonnen met de bouw van een opvolger van de Noorddampoort, maar die kreeg toen de naam Veersepoort - de poort werd in 1849 buiten gebruik gesteld en in 1873 afgebroken. In de nabijheid van de Veersepoort lagen de herbergen Den Hert, De Roode Leeuw (2), de Zeeuwsche Kolfbaan en Het Bijltje.


Zuiddampoort

De Zuiddampoort werd, evenals de tweede Noorddampoort, gebouwd in de 14de eeuw en stond ter hoogte van de Dwarskaai/Haagepreekgang - restanten van deze poort werden blootgelegd bij rioleringswerken aan de Dwarskaai in maart 2001 - de Zuiddampoort werd ook wel Slijkpoort genoemd. De Slijkpoort werd ook in 1588/89 afgebroken en in 1639 herbouwd aan de Westelijke Havendijk. Deze poort brak men in 1721 weer af en bouwde op dezelfde plaats een derde versie. Aan die derde Slijkpoort wordt gerefereerd in een oude Middelburgse uitdrukking die men gebruikte bij zeer mooi weer: "Je zou het land uitgaan en het slikpoortje binnenkomen." Maar eigenlijk moet het "Je zou de Dampoort uitgaan en de Slijkpoort binnenkomen" zijn, aangezien de (Noord)Dampoort aan de ene kant van het havenkanaal lag en de Slijkpoort aan de andere. In de buurt van die derde Slijkpoort lagen de herbergen Havenzigt en Even Buiten - beide herbergen verdwenen, evenals de Slijkpoort (afgebroken in 1842), bij de aanleg van het kanaal door Walcheren. Zie ook: Middelburgse geschiedenis: over de Slijkpoort, de Pijnpoort en de Leugenbrug, op Wij zijn De Stad.


Koepoort

De oudste Koepoort stond vermoedelijk in de nabijheid van de Spanjaardstraat ter hoogte van de Spuistraat. In de stadsrekening van 1396-1397 is sprake van die dore biden coepoorte int beghijnhof (de deur bij de Koepoort in het begijnhof - genoemd, grote, begijnhof lag ruwweg in de driehoek Zuidsingel-Wagenaarstraat-Spanjaardstraat). Deze middeleeuwse poort werd in 1593 afgebroken en er werd een houten poort gebouwd aan het einde van de huidige Koepoortstraat. Deze poort werd in 1605 al de oude Koepoort genoemd, want tijdens de grote stadsuitleg van 1595-1598 werd er een nieuwe, dus eigenlijk derde, Koepoort gebouwd aan de noordzijde van het Molenwater. Deze derde Koepoort werd in 1735 afgebroken en in 1739 was, op dezelfde locatie, de vierde en definitieve Koepoort, gebouwd door bouwmeester Jan de Munck, een feit.. De Koepoort is de enige stadspoort die nog bestaat (in 1992-1993 werd ze zorgvuldig gerestaureerd) en die thans dienst doet als woning annex atelier van een beeldend kunstenaar. Herbergen in de naaste omgeving van de Koepoort waren o.a. Het Koningsplein, Het Kuipertje, De Kaatsbaan en Grootjans.


Noordpoort

De Noordpoort dateert uit de middeleeuwen en de eerste locatie was aan het einde van de Korte Noordstraat ter hoogte van de huidige watertoren. Na de stadsuitleg werd een tweede poort gebouwd grenzend aan het huidige Noordbolwerk en t.o. de Noordsingel. In 1653 werd de poort vervangen door een hameide of valhek, maar in 1793-1794 brak men deze hameide weer af en bouwde er een eenvoudige stenen poort voor in de plaats. De Noordpoort werd in het midden van de 18de eeuw gesloopt - herbergen in de buurt van de poort waren Minjoot en De Drie Tonnetjes.


Seispoort

De eerste Seispoort lag in de middeleeuwen aan het einde van de Kromme Weele, ongeveer waar nu de Seisbrug ligt. Na de stadsuitleg werd in 1596 een poort van hout opgetrokken die in 1653 vervangen door een hameide of valhek - deze tweede poort was ongeveer gesitueerd op het huidige Seisplein/Klein Vlaanderen. Seis verwijst naar het gelijknamige Seisambacht en is vernoemd naar Sijs die de eerste eigenaar of bedijker van het ambacht was. De hameide werd in 1793-1794 afgebroken en, evenals bij de Noordpoort, vervangen door eenvoudige stenen poort. De Seispoort werd tenslotte in 1845 afgebroken - herbergen in de nabije omgeving van de poort waren De Rosenboom en Jacobs.


Langevielepoort

De Langevielepoort lag in de middeleeuwen aan het einde van de Langeviele tegenover de Kloveniersdoelen. Na de stadsuitleg werd in 1596 een poort van hout gebouwd ter hoogte van het huidig Domburgs Schuitvlot. De poort werd in 1653 vervangen door een hameide die in 1793-1794 werd afgebroken; er werd toen een nieuwe poort gebouwd. Die laatste poort werd afgebroken in 1865 - herbergen in de buurt waren o.a. De Zaaiende Landman, De Ploeg (2), de Chinese Tuin, De Boerendans en De Bremerton.


Vlissingsepoort

Het verhaal begint eigenlijk met de Gortstratepoort die zich in het begin van midden 12de eeuw in de Gortstraat bevond. Bij de stadsuitleg begin 14de eeuw wordt de poort naar het einde van de Stadsschuur verplaatst. Deze poort wordt in de 16de eeuw afgebroken en vervangen door de Vlissingsepoort. De fundamenten voor de Vlissingsepoort werd in 1596 gelegd ongeveer op de plaats waar nu de Schroebrug is. Aan de poort - wellicht de mooiste die de stad ooit gehad heeft - wordt vanaf 1600 gebouwd en pas in 1635 vindt de voltooiing plaats. In 1811 worden de spits en het uurwerk afgebroken en in 1840 kreeg de poort een andere kap en spits. De Vlissingsepoort wordt in 1867 afgebroken, omdat ze plaats moet maken voor het kanaal door Walcheren ([2]). Herbergen in de naast omgeving van de poort waren o.a. De Groene Poort, De Stads-Herberg, Het Groenewoud, Kasper Larifari, De Diligence, Het Wapen van Yperen, Het Vergulde Anker, De Drie Sterren en De Gesonde Broeder


Segeerspoort

De Segeerspoort of St. Geertruidspoort bestond al eind 14de eeuw, aangezien het stadsbestuur in 1605 toestemming geeft om tusschen de Vlissinghse en Segeersche Poort een blauselmakerije op te richten. Op enig moment wordt deze poort afgebroken en omstreeks 1650 wordt er een tweede, nieuwe Segeerspoort gebouwd tegenover de huidige Segeerstraat aan de zuidzijde van de tegenwoordige Goese Korenmarkt. De poort wordt in 1841 afgebroken - herbergen in de buurt van de poort waren De Witte Leeuw (3), De Nagtegaal, Hermanse, Van Heijten en Herberg Segeerssingel.


Nieuwe Poort

De laatste poort is ook de laatst gebouwde poort die vrij snel door de tijd werd ingehaald. De Nieuwe Poort werd rond 1860 gebouwd en verbindt de Korendijk via de Nieuwepoortstraat met de Loskade. Het is een neoclassicistische poort met lijstvormige afsluiting en een omlijste rondbogige doorgang - de overgang naar de naastgelegen panden is afgerond. Door de aanleg van het Kanaal naar Walcheren en de situering van het station heeft deze poort nooit echt als zodanig gefunctioneerd (pagina 172) - in de Nieuwepoortstraat zat de herberg van Silvius. De poort bestaat nog steeds.


Externe Links

Bronnen